Welke zijn de verschillende soorten kanker?

De benaming van kanker is meestal tweeledig. De naam verwijst naar:

1. het orgaan of het deel van het lichaam waar de kanker is ontstaan
Kanker die ontstaat in de borst heet borstkanker. Dit geldt voor bijna alle kankers, zoals eileiderkanker, longkanker, prostaatkanker of keelkanker.

2. het soort cel dat zich bij de aanvang abnormaal gaat gedragen
Hierna volgen enkele vaak gebruikte begrippen om kanker te omschrijven die verwijzen naar het soort cel dat zich als eerste abnormaal ging gedragen:

  • Carcinoom is een vorm van kanker die begint in de epitheelcellen van weefsels die inwendige organen of de huid afdekken of de binnenkant ervan bekleden. Carcinomen kunnen ontstaan in bijvoorbeeld de borst, de dikke darm (colon), de lever, de longen, de prostaat of de maag.
  • Sarcoom is een vorm van kanker die begint in bindweefselcellen. Sarcomen ontstaan bijvoorbeeld in het bot, in kraakbeen, in vet, in spieren of in bloedvaten.
  • Leukemie is een vorm van kanker die begint in het beenmerg, dat de bloedcellen produceert. Deze vorm van kanker wordt ook bloedkanker genoemd. Bij leukemie wordt er geen harde tumor gevormd, wel een groot aantal abnormale bloedcellen, meestal witte bloedcellen.
  • Lymfoom en myeloom zijn vormen van kanker die beginnen in de cellen van het immuunsysteem.
  • Gliomen, neuroblastomen, schwannomen en medulloblastomen zijn vormen van kanker die beginnen in de weefsels van de hersenen en van het ruggenmerg.

Daarnaast heeft de naam van de kanker vaak ook nog een voorvoegsel, dat verwijst naar de werking of de specialisatie van de cel van waaruit de kanker is ontstaan.

• Adeno = klier. Een adenocarcinoom bv. is een kanker in de epitheelcellen van klieren.
• Chondro = kraakbeen. Een chondrocarcinoom bv. is een kanker in de epitheelcellen van kraakbeen.
• Erytro = rode bloedcel. Een erytroblastisch sarcoom bv. is een kanker in de erytroblasten of cellen die rode bloedcellen vormen, dat zijn bindweefselcellen.
• Hemangio = bloedvaten. Een hemangiosarcoom bv. is een kanker in cellen die ontstaat in de bindweefselcellen van bloedvaten.
• Hepato = lever. Een hepatocarcinoom bv. is een kanker in de epitheelcellen van de lever.
• Lipo = vet. Een liposarcoom bv. is een kanker in vetcellen, dat zijn bindweefselcellen.
• Lymfo = lymfocyt of lymfecel. Een lymfosarcoom bv. is een kanker die de lymfecellen in de lymfeknopen en het omliggende bindweefsel aantast.
• Melano = pigmentcel. Een melanoom bv. is een kanker in de pigmentcellen van de huid.
• Myelo = beenmerg. Een myelosarcoom bv. is een kanker in het beenmerg, dat een soort bindweefsel is.
• Myo = spier. Een myosarcoom bv. is een kanker in de spiercellen, die een soort bindweefselcellen zijn.
• Osteo = bot. Een osteosarcoom bv. is een kanker in de botcellen, een soort bindweefselcellen.

De meeste benamingen van kanker zijn een combinatie van al deze kenmerken. Borstkanker bijvoorbeeld, is meestal een adenocarcinoom van de borst. Er bestaan ook gevallen waar één of meerdere metastasen worden geïdentificeerd, zonder dat men de plaats kan bepalen waar de oorspronkelijke tumor tot stand is gekomen. We spreken hier van kanker met een ongekende primaire oorsprong, goed voor twee tot vier procent van alle kankergevallen. Bij leukemie en lymfoom kan de oorsprong niet worden toegewezen aan een specifieke plek in het lichaam, omdat die kankercellen zich tegelijk op verschillende plaatsen bevinden maar dat wil niet zeggen dat er sprake is van metastasen. In enkele zeldzame gevallen kan men het type tumorcellen niet identificeren, omdat ze zo geëvolueerd zijn dat ze alle kenmerken hebben verloren van het weefsel waarin ze zijn ontstaan. We spreken hier van een ongedifferentieerde kanker.